Wereldwijd zijn atheïsten veruit in de minderheid. Zelfs in
het nuchtere Nederland gelooft een ruime meerderheid van de mensen nog dat er
meer is tussen hemel en aarde. Waarom is atheïsme zo weinig populair? Een van
de redenen is dat toonaangevende atheïsten vaak een negatief mens- en
wereldbeeld verkondigen. Zo vervangen zij een zinvol leven door een doelloos
bestaan en zetten de mens neer als een ‘omhooggevallen aap’ in plaats van een
‘gevallen engel’. Daarbovenop kan de gemiddelde ongelovige zijn overtuiging
vaak niet of nauwelijks verdedigen. Atheïsten maken zich schuldig aan wat ze
theïsten dikwijls verwijten: ze trekken vergaande conclusies zonder goede
onderbouwing.
De schoonheid en de troost van een wereldbeeld zonder God
bevat een krachtige, rationele en emotionele, verdediging van het atheïsme Na
een kritische bespreking van de klassieke en meest recente godsbewijzen komen
vragen aan de orde die de meeste godontkenners laten liggen. Als Hij niet
bestaat, hoe ziet de werkelijkheid er dan uit zonder Hem? Kun je in een
goddeloze werkelijkheid menselijke ambities behouden, zoals een leven na de
dood en een gefundeerde moraliteit? Het antwoord is verrassend genoeg ja. Een
werkelijkheid zonder God kan wel degelijk mooi, menselijk en zelfs magisch
zijn…
"Atheïsme is domweg niet aantrekkelijk, schrijft Waldo
Swijnenburg (atheïst) De eerste reden voor de impopulariteit van atheïsme is
dat de aanhangers ervan het bestaan van God ontkennen, maar verder weinig doen
om een goddeloos wereldbeeld tot een aantrekkelijk alternatief te maken.
Swijnenburg pleit voor een kleurrijk en positief atheïsme. "
Velen kennen Slavoj Žižek door zijn snedige interventies in
de politieke discussie of als ‘academische rockster’. Daarbij wordt soms
vergeten dat hij een belangrijk filosoof is die in dialoog met de grote denkers
uit de geschiedenis een filosofische antropologie heeft ontwikkeld. Daarin
verschijnt de mens steevast als een onverbeterlijk ideologisch dier, blind
gefascineerd door de macht waaraan hij is onderworpen, maar ook als een subject
dat, in ‘diabolische’ vrijheid, zijn eigen lot kan bepalen. In Tussen blinde
fascinatie en vrijheid onderzoekt Frank Vande Veire de wijze waarop Žižek
vanuit een eigenzinnige interpretatie van Jacques Lacans psychoanalyse en
Immanuel Kants filosofie tot zijn mensbeeld is gekomen.
Hans Küng
Doorleefde menselijkheid. Memoires.
AntwerpenUtrecht, Ten have, 2005. 752p.
ISBN 9789025903985
‘Doorleefde menselijkheid’ van de Zwitserse theoloog Hans
Küng is het derde en het laatste deel van zijn autobiografie. ‘Doorleefde
menselijkheid’ bestrijkt het deel van Küngs leven vanaf 1980, toen de
katholieke kerk hem zijn leerbevoegdheid ontnam.
Küngs ontslag door de Rooms Katholieke kerk maakte hem
allesbehalve monddood. Hans Küng ontmoette de grote der aarde als Henry
Kissinger, Tony Blair, Desmond Tutu en Angela Merkel. Hij zette het project
Weltethos (Wereldethos) op ter bevordering van de interreligieuze dialoog en de
wereldvrede.
Hans Küng gaat in dit deel van zijn autobiografie ook in op
grote vragen als: Was het ’t waard? Hoe zal ik sterven? En wat komt daarna?
Sinds Hans Küng in 1957 zijn eerste boek publiceerde,
proberen de kerkelijke machthebbers deze even briljante als ongehoorzame
theoloog discipline bij te brengen. Tevergeefs: Küng bleef onvermoeibaar en
onverzettelijk strijden voor de waarheid.
Küng is theoloog, christen en wereldburger, en stelt zich
open voor de uitdagingen van deze tijd. Hij ontwikkelde zich tot een van de
meest gelezen theologen ter wereld en tot tegenspeler van zijn vroegere collega
Joseph Ratzinger, tegenwoordig Paus Benedictus XVI. Velen zien in hem het
symbool van de hoop op een vernieuwde kerk.
Hans Küng (1928) was van 1960-1996 hoogleraar Oecumenische
Theologie aan de Universiteit van Tübingen. Conflicten met het establishment in
de roomskatholieke kerk tekenden zijn leven en bereikten een climax in 1979,
toen het Vaticaan hem zijn kerkelijke onderwijsbevoegdheid afnam. Zijn
jarenlange studie van de wereldreligies mondde uit in de Stichting
‘Wereldethos’ voor interreligieuze dialoog.
De mens wordt steeds meer maakbaar. Genetische manipulatie,
almaar slimmere robots en duizelingwekkende ontwikkelingen op het gebied van de
informatica en nanotechnologie stellen ons in staat de menselijke natuur naar
onze hand te zetten. Waar liggen de grenzen? Wie moet die vaststellen? Hoe
gevaarlijk is het wanneer een baby vooraf kan worden samengesteld aan de hand
van een keuzemenu? Hoe groot is de kans dat de mens het aflegt tegen vormen van
kunstmatige intelligentie die hijzelf heeft ontwikkeld? Kan er zoiets als een
humanisme 2.0 ontstaan of leven we binnenkort in het posthumane tijdperk, waar
de grens tussen mens en machine niet langer bestaat?
In Kleine filosofie van de volmaakte mens heeft Bas Heijne
een aantal teksten van spraakmakende denkers over dit onderwerp bijeengebracht.
Tezamen vormen zij een onmisbare bijdrage aan een discussie die iedereen
aangaat.
Bas Heijne is schrijver en essayist. Hij publiceerde twee
romans en verschillende verhalen- en essaybundels. Hij is verbonden aan NRC
Handelsblad, waarvoor hij wekelijks een veelbesproken column schrijft. Eind
2013 hield hij de Huizinga-lezing De betovering van de wereld. Voor televisie
presenteerde hij de zesdelige reeks De volmaakte mens.
Er zijn veel boeken die uitleggen wat we weten over het heelal.
Dit boek beschrijft wat we nooit zullen weten niet omdat we beperkt worden door
kennis of techniek, maar omdat het voor de mens onmogelijk is om te begrijpen.
Vragen als: wat was er vóór de tijd? Wat is er achter de ruimte? Waarom is
oneindigheid een relatief begrip? En als iets oneindig is, waarom past er dan
nog iets bij? Of het nu op het gebied van taal of filosofie is, van natuurkunde
of sterrenkunde: we lopen steeds op dezelfde manier vast in onze redenering. Zo
loop je aan tegen de grenzen van wat een mens kan begrijpen, en kom je dicht
bij het wezen van het menselijk bewustzijn. Dat wat we niet begrijpen, laat
zien wie we zijn.
Het volmaakte boek bestaat niet, al kennen uitgeverijen bijna elk van hun auteurs een quasi goddelijke status toe. Lees de achterflappen van nieuwe boeken en het wemelt van de superlatieven, raak gekozen zinnetjes uit al dan niet lovende recensies, en prijzende citaten van min of meer bekende medemensen. Als je dat leest, dan lijken er elke week wel tien nieuwe meesterwerken verschenen te zijn die alle boeken die voordien gepubliceerd werden in hun schaduw plaatsen. Het is het werk van marketingspecialisten en auteurs die weten hoe ze de potentiële lezers moeten bespelen, maar het is fictie. Natuurlijk steekt er al eens een boek boven het maaiveld uit, een schitterend werk van een begenadigd schrijver, maar dat zijn de uitzonderingen op de regel dat er meer kaf dan koren op de plank staat.
Zo’n ‘volmaakt’ boek staat centraal in de nieuwe roman Voet bij stuk van Joseph Pearce. Emma, de medewerkster van een gerenommeerde uitgeverij, krijgt een manuscript toegestuurd en kan haar ogen nauwelijks geloven: een heus meesterwerk. Alleen is er een probleem met de auteur want die leeft niet meer. Op zoek dus naar een invaller die er goed uit ziet, de harten van de lezers zal veroveren en de kassa van de uitgeverij zal spijzen. Het loopt evenwel niet helemaal zoals vooraf gepland en dan komt de uitgeverij in zwaar water. Maar voor het zover is hebben ze wel iets op gang getrokken waarover Emma en haar bazin Barbara stilaan maar zeker alle controle verliezen.
Joseph Pearce gebruikt dit hilarische verhaal om de hele boekensector eens grondig te fileren. Zowel uitgevers, redacteurs, schrijvers, recensenten, promotiemedewerkers, ‘journalisten’ van de rommelblaadjes maar ook van de zogenaamde ‘betere’ pers, en juryleden van literaire prijzen moeten het ontgelden. Uiteraard fictie, maar wie het boekenwereldje wat kent, beseft dat er heel wat waarheid in staat. Van uitgevers die uit zijn op snel winst maken, over schrijvers met hun nukken, over juryleden van literaire prijzen die een schijn van deskundigheid moeten hooghouden, tot recensenten die zichzelf vaak beter wanen dan de auteur van het boek dat ze moeten bespreken.
Nu is Joseph Pearce zelf een recensent maar tegelijk ook een begenadigd schrijver die de lezer vanaf de eerste bladzijde bij de kraag vat en in hoog tempo door zijn onwaarschijnlijk amusante verhaal jaagt. Daarbij zoomt hij ongenadig in op de kleine kantjes van de verschillende protagonisten in de boekenwereld. Emma beschouwt zichzelf als de behoedster van de literatuur met de grote L. Maar haar bazin Barbara ziet de uitgeverij als eender welk ander bedrijf en is enkel uit op het vergroten van de omzet. ‘Thinking outside the box,’ zo luidt het devies en dan komt dat ‘perfecte’ boek aanwaaien dat alle gevestigde waarden in (en buiten) de uitgeverij in de schaduw stelt, tot ongenoegen van de andere schrijvers die zelfs dreigen met een collectieve schrijfstaking als ze niet evenveel aandacht krijgen als de nieuwe succesauteur die volop in de schijnwerpers mag staan.
Emma voelt aan dat de reputatie van de uitgeverij door de quasi goddelijke nieuwkomer op de helling komt te staan en begint aan een subtiel spel om hem te boycotten. Zo volgt een hilarische discussie over de manier waarop ze gaan pogen de juryleden van de belangrijkste literaire prijs te overhalen om die niet te geven aan de auteur van het ‘volmaakte’ boek. Of het allemaal goed afloopt moet de lezer zelf ontdekken.Voet bij stuk is in elk geval een bijzonder geestige pageturner die met enig tandengeknars zal gelezen worden binnen de boekenwereld, in het bijzonder binnen de uitgeverij De Nijvere Mier, een leuke woordspeling van de auteur op De Bezige Bij. Dit boek is een absolute aanrader. Afwachten nu of de recensenten, juryleden van literaire prijzen en leidinggevenden van uitgeverijen zich even goed in de spiegel die Joseph Pearce hen voorhoudt, zullen herkennen.
De Humanistisch-Vrijzinnige Vereniging (HVV) heeft professor Wim Distelmans verkozen tot laureaat van de tweejaarlijkse Prijs Vrijzinnig Humanisme. De jury looft de grote inzet van professor Distelmans die gedurende zijn hele professionele carrière heeft geijverd voor de erkenning van de rechten van de patiënt en voor de autonomie en de keuzevrijheid van het individu in zijn of haar laatste levensfase. De prijs wordt uitgereikt in Bozar te Brussel op zondag 21 juni 2015, de Internationale Dag van het Humanisme. Via Liberales Zie ook: HVV